Jaarrond Tuintelling: tel mee voor het grootste tuinonderzoek van Nederland

In onze tuinen vliegt, beweegt en zoemt van alles. Maar over welke vogels, zoogdieren, vlinders, amfibieën en insecten in onze tuinen leven is nog niet zo veel bekend. Terwijl dit juist heel nuttig is om te weten als we de biodiversiteit in Nederland willen versterken en beschermen. Daarom is door verschillende partijen samen het project de Jaarrond Tuintelling opgezet. Met de hulp van tuin-, balkon- en dakterraseigenaren proberen onderzoekers een beeld te krijgen van welke dieren in tuinen leven, in welke aantallen en hoe ze zich bewegen.

Een grote groep enthousiaste tuintellers geeft wekelijks of met iets minder regelmaat door welke soorten ze in de tuin zien via de website van de Jaarrond Tuintelling. Onderzoekers van verschillende natuurorganisaties gebruiken deze data om een beeld te krijgen van de natuur in Nederlandse tuinen. Waar komen welke soorten voor? In welke aantallen? En hoe bewegen ze zich?

Tellen en ontspannen
Zelf ben ik één van de 25813 tellers. In de winter tel ik meestal vanuit binnen. Een ontspannen momentje op de bank naast het raam, kijkend naar wat er in mijn tuin gebeurt.
De rest van het jaar vanuit een luie stoel in de tuin of ik ga juist actief in de tuin opzoek naar de kleine beestjes die ja als je blijft zitten niet zal vinden (denk aan spinnen, pissebedden en rupsen).

Tijdens het ontbijt is voor mij een vast tel momentje geworden om rustig de dag te beginnen (behalve hartje winter, want dan is het nog donker als ik ontbijt). En sinds we thuis werken tel ik vaak ook even als pauze momentje. Even een paar minuten je ogen van het scherm en kijken naar wat er in de tuin gebeurt. Dit kan ik echt iedereen aanraden. En volgens mij ben ik niet de enige die er zo over denkt, in 2020 was het aantal tellingen een stuk hoger dan de jaren ervoor. 

Resultaten
In totaal zijn er al meer dan 6874 verschillende diersoorten en wilde planten doorgegeven. Met de data die al verzameld is komen onderzoekers er steeds meer achter dat tuinen eigenlijk kleine natuurgebiedjes zijn.

Het valt op hoe belangrijk tuinen zijn voor vogels en dan met name in de winter als het voedsel in het buitengebied begint op te raken. Zo is het aantal vinken in de winter 6 keer hoger dan in de lente.

Ook blijkt dat het roodborstje in de winter in zo’n 70% van de tuinen voorkomt, en dat dit aantal vanaf april afneemt tot 10% in Zuid-Holland, Friesland en Groningen en tot 30% in Drenthe. Het lijkt er op dat hoe bosrijker de omgeving is, hoe meer roodborstnesten er in tuinen voorkomen.   

Een ander regionaal verschil dat onderzoekers is opgevallen, is dat in 2019 in het noorden van het land meer Kleine Vossen (vlinder) gezien zijn dan in de rest van het land. Waarschijnlijk kwam dit door de hete zomer van dat jaar. In het noorden lagen de temperaturen iets lager, waardoor de brandnetels, waar de vlinder afhankelijk van is, er beter bij stonden. 

Soorten tellingen
Er zijn drie manieren om mee te doen: tijdstiptelling, weektelling en evenementtelling. En je kan zelf kiezen welke soorten je telt: vogels, dagvlinders, zoogdieren, libellen, nachtvlinders, spinnen,  amfibieën, vissen, planten, insecten, weekdieren, overige soorten.  

Bij een tijdstiptelling tel je 5, 10, 15, 30 of 60 minuten, je kan zelf kiezen hoe lang. Na afloop geef je via de website door welke soorten je hebt gezien en per soort het hoogste aantal dat je tegelijkertijd hebt gezien (niet optellen dus). Door regelmatig te tellen worden de gegevens waardevoller. Bij voorkeur wekelijks, maar met een groter tijdsinterval is ook prima.

Bij een weektelling geef je van de verschillende soorten die je in de tuin ziet het hoogste aantal per soort door. Ook voor deze telling is het handig als er regelmaat geteld wordt. Eventuele tijdstiptellingen worden meegenomen in je weektelling (je moet alleen nog even op opslaan klikken). Zelf voer ik weektellingen verspreid door de week heen in. De website zorgt er voor dat het per week 1 weektelling wordt. Zie ik op maandag bijvoorbeeld 6 huismussen, 1 roodborstje en 3 kauwen, dan vul ik dat in op het moment dat ik er zin in heb. Zie ik later die dag of die week nog meer soorten of meer van één soort dan voeg ik dat toe aan de telling.

Naast de tijdstiptellingen en weektellingen kan je ook meedoen met evenementtellingen, zoals de Tuinvogeltelling, Vleermuizentelling, Egeltelling, Mollentelling en Spinnentelling. De vraag van de onderzoekers is om dan specifiek op deze soorten te letten.

Meehelpen met het grootste tuinonderzoek van Nederland? Meld je met je tuin, balkon of dakterras aan op de website van de Jaarrond Tuintelling.
Ken je (een deel van) de soorten die in je tuin voorkomen nog niet? Door ze te tellen leer je ze kennen. In het begin moet je misschien vaak wat opzoeken, maar je zult zien dat dit steeds makkelijker en leuker wordt. En je hoeft niet bang te zijn voor een foutje in je telling. Door het grote aantal tellingen hebben dit soort foutjes maar een klein effect op de resultaten. 

Ik ben benieuwd ga jij je tuin, balkon of dakterras aanmelden op de website van de Jaarrond Tuintelling en doorgeven wat je in jouw tuin ziet bewegen, zoemen en vliegen?

Eén reactie

  • Yolanda

    Hoi Sara,

    nav jouw bericht stuur ik nu ook al drie weken de tuintelling per week in! Helemaal leuk! We krijgen over twee weken ook hulp van een ecohoveniere om de tuin nog beestjesvriendelijker te maken, dus ben benieuwd wat dat voor effect geeft. Dank voor de leuke tip! Groetjes Yolanda.

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: